Column·Het innerlijke leven·Verhalen

Een klein grassprietje

Mensen zeggen wel vaker dat het voor mij eenvoudig is om te leven
met zo’n gemakkelijk leven achter de kiezen.
Was het maar waar.

Ze weten niet wat er schuil gaat achter dat leven dat ze niet kennen.
Het is zoals de opmerking dat wie in het onderwijs werkt
niet weet wat werken is, omdat ze enkel de vakanties zien.
Of anderen die enkel het geld zien dat zelfstandigen binnen rijven.

Het is een feit dat mijn gezicht niet getekend is door de tand des tijds,
het verdriet uit het verleden.
Een mooi geschenk van het leven waar ik blij mee ben,
ook al volhardt het anderen in hun idee
dat ik een gemakkelijk leven heb gekend tot nu toe.

Ik zou kunnen reageren met een opsomming die het tegendeel bewijst.
Ik had net zoals die anderen kunnen kijken naar de overkant, die zoveel groener is,
mezelf wentelen in medelijden dat het leven van anderen zoveel beter is,
dat het leven oneerlijk is.

Hoe hard het leven soms ook is geweest,
ik ben altijd op zoek gegaan
naar dat ene kleine groene grassprietje
in m’n eigen tuin.

Soms zat het diep verscholen tussen veel onkruid.
Een andere keer vond ik een handjevol vrolijke sprietjes.
Als ik lang genoeg zocht,
soms tegen beter weten in,
dan vond ik hier en daar
een kleurige bloem wiens hart zich liefdevol naar de zon richtte.

Het is soms zwoegen
maar kijken naar de overkant
brengt zeker geen vreugde in mijn eigen tuin.

Ieders leven is als een rozentuin,
met rozen én doornen.
Soms voel je enkel de doornen,
maar als je wat behendiger wordt
én je richt op je eigen tuin,
dan kan je er in slagen om de doornen te ontwijken
en meer oog te hebben voor de rozen.

Column·Het innerlijke leven·Het schrijversleven·Verhalen

Een leven lang op zoek naar woorden

Een leven lang op zoek naar woorden
verstopt in m’n hoofd
maar ik vond ze niet.

Ik was een gezonde peuter
maar praten deed ik niet.
Een omgeving vol bezorgdheid
maar niet m’n moeder.
Zij had vertrouwen.
‘Geef haar de tijd, het komt goed.’
Ik zat in de 2de kleuterklas
toen ik de eerste woorden vond
maar ze lieten zich niet makkelijk vinden.

Een leven lang op zoek naar woorden
verstopt in m’n hoofd
maar ik vond ze niet.

Een zus als een spraakwaterval.
De woorden die ik te weinig had, had zij te veel.
Knikken, dat kon ik goed.

Op school was ik de ‘stille’
en dus geliefd bij de juf of de meester.
Maar van klasgenootjes kreeg ik wel vaker te horen
dat ik wat meer mocht zeggen.

Een leven lang op zoek naar woorden
verstopt in m’n hoofd
maar ik vond ze niet.

Discussies, ruzies,
woordenwisselingen, meningsverschillen.
Radeloos,
machteloos
zocht ik naar de woorden
om me kenbaar te maken
maar ik vond ze niet.

Steeds vaker kwamen de tranen
tranen van verdriet
om de woorden die ik niet vond.

Zakelijke woorden.
Op school. Op het werk.
Ja, die waren er.
Maar woorden
om mezelf kenbaar te maken
om mezelf uit te drukken
nee, die had ik niet.

Tranen liepen telkens opnieuw over m’n wangen.
Voor elk verloren woord een traan.

Een leven lang op zoek naar woorden
verstopt in m’n hoofd
maar ik vond ze niet.

Na meer dan veertig jaar
besluit ik de pen te nemen.
En plots komen die woorden
waar ik zo lang naar heb gezocht.

Ze zaten niet in m’n hoofd.
Ik zocht op de verkeerde plek.
Ze zitten in m’n hart.

Een leven lang op zoek naar woorden.
Nu besluit ik te schrijven.
Ik, degene die een leven lang geen woorden vond, ik ga schrijven.

Column·Het innerlijke leven·Verhalen

Onzekerheid

Ik ben van nature een rustig persoon.
Om die rust en harmonie te bewaren probeer ik onzekerheden
zoveel als mogelijk uit mijn leven te bannen.
Maar onzekerheden dragen soms ook kansen in zich.
Ze bieden de mogelijkheid tot vernieuwing en verandering.

We moeten niet veranderen om te veranderen, of ons vergalloperen in vernieuwing.
Ook al lijkt dat wel het devies van de huidige tijd.
Maar als je vast zit en de huidige omstandigheden bieden geen uitweg,
beloven geen kans op beterschap, ondanks de vele pogingen van geduld,
dan is het soms toch nodig om in te zetten op vernieuwing.

Het nemen van een risico opent dan deuren naar nieuwe bestemmingen,
die ongetwijfeld leiden tot beterschap.
Het verdragen van onzekerheid is dan een nieuwe eigenschap
die we moeten ontwikkelen, of zelfs omarmen.

Vertrouwen dat het goed komt, zonder krampachtig vast te houden,
maar een rustig loslaten van die angst,
in het rotsvast geloof dat wijsheid voortkomt uit rust,
en niet opgeslagen ligt in het maken van zorgen.

Ik laat de onzekerheid toe
zodat nieuwe mogelijkheden
zich in alle rust kunnen ontwikkelen.

Column·Het innerlijke leven·Verhalen

Volgzaam

Ik ben altijd ‘de brave’ geweest. Altijd.
Zolang als ik leef.
Als baby, als peuter, als tiener, als volwassene.
Met mij kon je de deur uit.
Ik zou je nooit beschamen.
Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

Zowel thuis als buitenshuis.
Ik luisterde goed en deed wat er van me werd gevraagd.
Op school was ik het ‘voorbeeld’ waar iedereen naar verwees.
Ik voerde uit en deed het bovendien op de wijze waarop men het verwachtte.
Een schoolvoorbeeld.
Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

En op het werk? Wat dacht je?
Ik dacht in functie van het team.
Ik zette me in voor de groep, voor het bedrijf.
Ik werkte snel en efficiënt, zonder eigendunk.
Jawel, iemand om te klonen.
Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

Een eerste hobby. Fotograferen.
Anderen zijn je voorgegaan.
Zij zullen het dus wel weten. Hoe je iets aanpakt.
Op welke manier je iets op beeld zet.
Wat het beste werkt.
En ergens, in kleine lettertjes, al snel vergeten:
Volg je eigen weg. Vergeet niet te genieten.

Een nieuwe hobby. Schrijven.
Welke openingszin je moet gebruiken.
Wat je kan schrijven zodat de lezer het graag leest.
Hoe je een tekst of gedicht moet opbouwen.
En ook hier ergens verloren tussen te veel tekst:
Volg je eigen weg. Vergeet niet te genieten.

Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

Ik kan je zeggen: het werkt niet.
Voor geen meter.
Ik herhaal het nog eens: het werkt niet.
Voor geen meter.

Niet elk familielid, niet elk klasgenootje, niet elke collega
kon deze werkwijze appreciëren.
Het is waar. Ik had ook hen kunnen volgen.
Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

Maar laat ons eerlijk zijn.
Ik zou nu even ver staan.
Ook dat zou niet werken.

Je eigen weg gaan.
Hoe doe je dat?
Als je altijd hebt gevolgd.

Eén keer heb ik dit mantra niet gevolgd.
Toen ik de Liefde tegen kwam.
Niet dat ik plots stout, luidruchtig en rebels werd.
Maar de keuze was toch minder evident
waardoor braaf, zwijgzaam en volgzaam niet opging.

Misschien is de tijd rijp
om het juk met dit mantra
van me af te werpen.

Niet om stout, luidruchtig en rebels te worden.
Want zo ben ik niet.
En het zou evenzeer ‘een volgen’ zijn
maar dan van een andere groep.

Nee, het is tijd om mijn eigen weg te gaan.

Ik start hier.
Ik zal schrijven waarover ik wil schrijven,
op de manier zoals ik het goed vind.
Of het nu (graag) gelezen wordt of niet.

Ik ga mijn eigen weg.