Column·Het innerlijke leven·Verhalen

Volgzaam

Ik ben altijd ‘de brave’ geweest. Altijd.
Zolang als ik leef.
Als baby, als peuter, als tiener, als volwassene.
Met mij kon je de deur uit.
Ik zou je nooit beschamen.
Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

Zowel thuis als buitenshuis.
Ik luisterde goed en deed wat er van me werd gevraagd.
Op school was ik het ‘voorbeeld’ waar iedereen naar verwees.
Ik voerde uit en deed het bovendien op de wijze waarop men het verwachtte.
Een schoolvoorbeeld.
Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

En op het werk? Wat dacht je?
Ik dacht in functie van het team.
Ik zette me in voor de groep, voor het bedrijf.
Ik werkte snel en efficiënt, zonder eigendunk.
Jawel, iemand om te klonen.
Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

Een eerste hobby. Fotograferen.
Anderen zijn je voorgegaan.
Zij zullen het dus wel weten. Hoe je iets aanpakt.
Op welke manier je iets op beeld zet.
Wat het beste werkt.
En ergens, in kleine lettertjes, al snel vergeten:
Volg je eigen weg. Vergeet niet te genieten.

Een nieuwe hobby. Schrijven.
Welke openingszin je moet gebruiken.
Wat je kan schrijven zodat de lezer het graag leest.
Hoe je een tekst of gedicht moet opbouwen.
En ook hier ergens verloren tussen te veel tekst:
Volg je eigen weg. Vergeet niet te genieten.

Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

Ik kan je zeggen: het werkt niet.
Voor geen meter.
Ik herhaal het nog eens: het werkt niet.
Voor geen meter.

Niet elk familielid, niet elk klasgenootje, niet elke collega
kon deze werkwijze appreciëren.
Het is waar. Ik had ook hen kunnen volgen.
Braaf. Zwijgzaam. Volgzaam.

Maar laat ons eerlijk zijn.
Ik zou nu even ver staan.
Ook dat zou niet werken.

Je eigen weg gaan.
Hoe doe je dat?
Als je altijd hebt gevolgd.

Eén keer heb ik dit mantra niet gevolgd.
Toen ik de Liefde tegen kwam.
Niet dat ik plots stout, luidruchtig en rebels werd.
Maar de keuze was toch minder evident
waardoor braaf, zwijgzaam en volgzaam niet opging.

Misschien is de tijd rijp
om het juk met dit mantra
van me af te werpen.

Niet om stout, luidruchtig en rebels te worden.
Want zo ben ik niet.
En het zou evenzeer ‘een volgen’ zijn
maar dan van een andere groep.

Nee, het is tijd om mijn eigen weg te gaan.

Ik start hier.
Ik zal schrijven waarover ik wil schrijven,
op de manier zoals ik het goed vind.
Of het nu (graag) gelezen wordt of niet.

Ik ga mijn eigen weg.

Gedichten·Poëzie

Veerkracht

Veerkracht, om telkens weer op te staan als het even wat minder gaat,
om het straaltje licht te blijven zien als de moed je in de schoenen zinkt.

Wendbaarheid, om met veranderende omstandigheden om te gaan,
om met soepelheid nieuwe situaties het hoofd te bieden.

Rust, in je hoofd
Stilte, in je hoofd
zodat je ontspannen je levenspad mag bewandelen.

Dat zijn mijn wensen voor jou, én mezelf, in het komende jaar.

Gelukkig nieuwjaar!

Liefs,

Inge

Boeken·Non-fictie·Recensie

Moeder, dochter, minnares – Heleen Van Royen

De auteur geeft aan de hand van anekdotes en korte verhalen een inkijk in haar leven van de afgelopen twintig jaar. Ze belicht dit vanuit de verschillende rollen die ze vervult in haar leven, niet alleen de rol van moeder, dochter en minnares, maar ook de rol van schrijver, vrouw en vriendin.

Ik moet bekennen dat de naam van de auteur, Heleen Van Royen, geen belletje bij mij deed rinkelen. Maar ik hou wel van boeken die een inkijk geven in iemands leven. Ik vind het vaak inspirerend om te lezen hoe anderen omgaan met de strubbelingen in het leven.

Alleen had ik toen niet gedacht dat deze auteur o.a. het label (tegen wil en dank) ‘eigentijdse femme fatale’ op gekleefd kreeg en een sexdagboek geschreven had. Misschien maar beter dat ik het niet wist, anders had ik het wellicht nooit gelezen. Nu ik het in handen had, kon ik het even goed wel lezen.

Haar columns lezen heel vlot, af en toe leveren ze een blik van herkenning, en andere keren toveren ze zelfs een lach op m’n gezicht. Ze heeft gevoel voor humor, maar ze raakt ook minder leuke thema’s aan, zoals de zelfmoord van haar vader of haar moeder die begint te dementeren. Maar alles blijft licht verteerbaar.
Uiteraard zijn er ook columns die me minder liggen. Dat noemen ze dan ook ‘smaken verschillen, voor elk wat wils’.

Ze schrijft op een ontnuchterend wijze, recht-toe-recht-aan. Ontwapenend vertelt ze over de vooroordelen waar ze zelf, maar ook anderen, mee te kampen hebben. Ze vraagt in deze optiek meer mededogen naar elkaar toe. Ook al wordt het nooit echt diepgaand.
En ergens heeft ze wel een punt. Toen ik haar bijnaam vernam in het boek, dan had ik plots ook zo mijn reserves. En dan is het mooi dat je als lezer uiteindelijk je vooroordelen één voor één over boord gooit.

Het is een vrouw waar ik karakterieel mijlenver vanaf sta. Ook onze levens hebben weinig gemeen.
En ook al kan niet elke column me evenzeer bekoren (de meeste wel), haar eigenheid, haar durf en moed kan ik wel appreciëren.

Boeken·Non-fictie·Recensie

Het is aan ons – Merlijn Twaalfhoven

De kunst van het verwonderen en de ontroering

Als kind was ik nooit creatief. Mijn zus was de creatieve geest, ik de denker.
Zoveel jaren later, als prille veertiger, rijpt een andere geest in mij.
Sinds enkele jaren probeer ik de creatieve component in mezelf aan te wakkeren.
Geen evidente keuze als de eeuwige ‘denker’, maar wel een keuze waar ik blij mee ben.
Het verruimt mijn wereld, maar bovenal mezelf.

Nog volop mijn creatieve geest aan het ontwikkelen, komt dit boek op het perfecte moment mijn leven binnen gewandeld. Vol ongeduld kijk ik uit naar de meerwaarde van het boek met als ondertitel ‘waarom we de kunstenaar in onszelf nodig hebben om de wereld te redden’.

De auteur richt zich tot de vergeten kunstenaar, degene die vol verhalen zat bij het haardvuur, degene die het onzichtbare en het onzegbare een plek gaf in het dagelijks leven. Deze vergeten kunstenaar werd een passieve toeschouwer, naast de specialisten die een podium kregen. De schepper, maker, verhalenverteller in elk van ons, zijn in een sluimertoestand gezet.
Hij laat ons zien hoe we met een andere zienswijze naar het leven kunnen kijken, aan de hand van een kunstenaarsmindset. Niet met de bedoeling om een groot kunstenaar te worden, maar door ‘vergeten’ delen in onszelf te herontdekken.

Voor mij persoonlijk brengt hij niet zoveel nieuws, maar de auteur vult het wel in met een bijzonder originele invalshoek, die kunstenaarsmindset.
En ook al heb ik persoonlijk weinig met muziek, zijn verhalen kan ik me levendig voorstellen. Wat zijn ‘kunstvorm’ muziek met anderen doet, hoe het anderen in beweging brengt.
Ik ben ook volledig mee met zijn betoog hoe hij de kunstenaar in elk van ons wilt aanwakkeren, om elkaar dát terug te laten zien wat we verloren waren, de kunst van verwondering en ontroering. Want dat is zonder twijfel een verrijking voor elk van ons, maar ook voor de wereld.

Mijns inziens moeten we het niet zo groots aanpakken als de auteur, om met z’n allen de wereldproblemen aan te pakken, ook al siert die ambitie hem. Het lijkt me al een mooi begin als ieder van ons terug verwondering, ontroering en schoonheid voor het alledaagse kan binnen brengen in z’n omgeving door te vertragen.

Ieder die het vermogen heeft om stilte te scheppen, oases van aandacht te creëren en gedeelde ervaringen te veroorzaken kan helpen om ons te vertragen, te verbinden en te verwonderen.

Het is de blik van een kunstenaar die ons helpt, die open houding om de wereld onbevangen én scheppend toe te treden. Geen kunst om de kunst, maar de kunst van verwondering en ontroering.
Het maakt niet uit wat je in beweging brengt, of het nu muziek, dans, schrijven of fotografie is, als het je er maar toe aan zet om jezelf uit je hoofd te halen, om terug te voelen. Zonder plan iets in beweging zetten. Zodat onrust verdreven wordt. Het is de kunst om te vertragen om je zo open te stellen voor een nieuw perspectief aan mogelijkheden.

Zowel zijn betoog als zijn verhalen lezen bijzonder vlot. Ook al vermoed ik dat hij de kunst van muziek maken beter beheerst dan de kunst van het schrijven. Maar zelfs dat versterkt zijn betoog, want het is niet de perfectie, ook niet het streven naar die perfectie, dat ons vooruit helpt.
Toch had ik liever wat meer van z’n verhalen gelezen in plaats van een soms ietwat chaotisch betoog over z’n idealen. Met meer van z’n verhalen had hij mij ongetwijfeld nog meer kunnen betoveren.

Het is trouwens ook mooi om te lezen hoe hij omgaat met machteloosheid, onzekerheid en mislukkingen. Hoe hij deze transformeert in vaardigheden en krachten.

Column·Het schrijversleven·Verhalen

De ontdekking van het schrijversbestaan

Buiten raast de wind door de bomen.
Bladeren in vele kleuren dwarrelen op de grond neer.

Zo guur als het buiten is, zo gezellig is het binnen.
Enkele kaarsjes te midden van wat sparappels.
Een vrolijke eekhoorn en een lachende egel kijken me vrolijk aan.

Met de voeten omhuld in warme pantoffels plof ik me neer in m’n schrijversstoel.
Een kop koffie bij de hand.

Losse ideeën komen en gaan.
Andere teksten worden herschreven.
Uren aan een stuk wijd ik me aan dit nieuwe leven: het schrijversleven.
Wie had ooit gedacht dat ik hier zoveel plezier aan zou beleven.
Je rolt niet zomaar in het schrijversbestaan. Ik toch niet. Integendeel.

Als kind was ik er altijd van overtuigd dat schrijven niet aan mij besteed was,
des te meer aan mijn zus. Zij had een overvloed aan fantasie.
Sprookjes schrijven, verhalen noteren, opstellen maken,…
Daarvoor moest je bij haar zijn.

Tijdens m’n studies en later in het werkveld bleek ik die pen toch beter te hanteren.
Zakelijk schrijven dus: handleidingen opstellen, verslagen maken en uiteenzettingen opmaken. De complimenten kwamen met de regelmaat van de klok terug.
Mooi. Leuk. Maar dat is werk gerelateerd. Dus dan stopt het al snel.

Ik had vele hobby’s en bezigheden. Maar schrijven? Nee, dat zat er niet in.
Bakken deed ik als kind al. Ik nam de hobby terug op.
De collega’s van destijds hebben er veel plezier aan beleefd. Elke maandag stond er minstens één geurige taart tijdens de pauze hapklaar. Enthousiast waren ze in elk geval.

Het was de eerste blog waar ik mee experimenteerde: recepten voor bakideeën. Pruimentaart, zwarte woud taart met veel slagroom, maar ook veel chocolade-ideeën.
En toch was het geen lang leven beschoren. Ik stopte er behoorlijk snel mee. Ik had enerzijds te weinig ‘creatieve’ ideeën, en anderzijds wou ik het te goed doen. Van elke tussenstap een foto maken… Dat was niet echt haalbaar.
En laat ons eerlijk zijn: mijn lichaam was toch niet zo blij met die overtollige kilo’s.

Daarna gaf ik me over aan een andere hobby. Fotograferen. Je ziet het, dat schrijversbestaan was er nog zo snel niet. Ook dit mondde uit in een blog, een fotoblog.
Deze blog kende een minder goede start. Tja, ik mag dan wel af en toe eens een goed beeld schieten, een topfotograaf ben ik nu ook weer niet.

Dus moest er een andere meerwaarde zijn. Ik besloot hier en daar een klein tekstje bij de foto te schrijven. Teksten van bezinning en inspiratie.
En, tegen alle verwachting in, sloeg dat wel aan.
Ik kreeg hartverwarmende en pakkende reacties.
Ik keek er met gemengde gevoelens naar. De insteek was een fotoblog en dus had ik liever zulke reacties gekregen op de beelden die ik gemaakt had.
Maar het is natuurlijk altijd fijn als je te lezen krijgt dat je iemand z’n hart hebt geraakt, of dat de tranen in de ogen stonden.
Omdat de insteek een fotoblog was, strandde ook deze poging.
Het klinkt misschien ondankbaar, maar dat is het allerminst. Uiteindelijk hebben de mooie complimenten tot verdere groei geleid.

Ondertussen las ik terug wat vaker dan vroeger. Het boek ‘Tussen twee werelden’ van Franco Faggiani belandde op mijn schoot.
De vijftigjarige Leo verhuist samen met zijn autistische pleegzoon naar de bergen. Om er te leven in hun eigen tempo, ver weg van de stad. Om er brood op de plank te leggen schrijft hij korte boeken, die hij zelf voorziet van foto’s uit zijn omgeving.
Het is een beeld dat me nooit meer heeft los gelaten. Als een droombeeld. Het is de eerste keer dat ik er zelf aan dacht om te beginnen met schrijven. De fotoblog had bewezen dat ik het kon, en dat ik er eigenlijk ook wel plezier in vond.

Maar ja, waar moest ik dan over schrijven. Fictie? Dat zou pas een lachertje worden.
Non-fictie? Over welk thema? Ik heb geen specialisaties…
Het plan bleef in de kast liggen.

Maar de complimenten over schrijven keerden regelmatig terug. Met vaak als laatste zin ‘Je moet daar iets mee doen’. Wat kan een zoektocht soms lang duren…

Lezen in plaats van schrijven. Dat werd het voorlopig. Ik las o.a. ‘Caravandagen‘ van Evelien De Vlieger, en ‘Op het opabankje’ van Jos Lammers. Verhalen en columns uit het leven gegrepen.

En plots komen de verschillende mogelijkheden uit het niets aanwaaien: foto’s met inspirerende teksten, recensies van boeken, en verhalen uit het leven gegrepen. Een mooie bundeling van variërende teksten, woorden en beelden.

Het leidt tot een derde poging van een blog. Een schrijversblog. Dit blog: Inge Schrijft.
Derde keer, goede keer? Wie zal het zeggen? Ik heb geen glazen bol, en wellicht maar goed ook. Anders had ik de vorige pogingen nooit ondernomen. Maar ze hebben wel bij gedragen tot waar ik nu sta.

Zo belandde ik dus in het schrijversbestaan.
De toekomst zal wel uitwijzen of het een lang leven beschoren is.

Als we er maar telkens opnieuw plezier aan beleven 🙂

Gedichten·Poëzie

Nooit meer stil

De stilte van de bergen om me heen
zonder treinen
zonder auto’s
zonder industrie

En toch is het nooit stil
want de gedachten razen maar door in m’n hoofd

De stilte van de nacht duikt op
de sterren
de maan

En toch is het nooit stil
want dromen vullen steeds opnieuw m’n hoofd

Tot ik besluit te schrijven
m’n gedachten aan het papier toe vertrouw
zorgen verdwijnen
piekeren lost zich op

Ik blijf schrijven
en dan wordt het stil
in mijn hoofd

Een leeg hoofd

Stil

Column·Het reizigersleven·Verhalen

In het spoor van Michiel

De fotograaf Michiel Hendryckx heeft me steeds weten te bekoren.
Niet alleen omwille van z’n foto’s, maar vooral de samenhorigheid tussen foto én tekst betekent, in mijn ogen, een enorme meerwaarde voor zijn werk. Het doet je langer naar een foto kijken. Het verhaal bij de foto maakt het plaatje compleet.

Hij gaat op zoek naar ontroering, naar het mooie in de wereld.
En hij weet dit op een geheel eigen manier vorm te geven.
Dolen” is voor hem verwonderd en onbevangen genieten van de wereld.

In één van z’n boeken stelt hij het verlangen dat de lezer hem achterna reist, niet om hem te kopiëren maar als inspiratiebron om de wereld te ontdekken, zich te laten ontroeren, zich te laten verwonderen, te kijken zonder deel te nemen, te kijken zonder oordeel. Om op een onbevangen wijze met de wereld om te gaan.

En toen besloot ik hem achterna te reizen…
Soms naar dezelfde bestemmingen. Maar evenzeer andere bestemmingen.
Het gaat hem niet om de bestemming op zich, maar de wijze waarop je onbevangen met de wereld omgaat.

En, geheel toevallig, heb ik voor hetzelfde medium gekozen: een foto en een bijpassende tekst. Weliswaar vanuit een eigen perspectief en een eigen interesseveld. De mens zal dus minder vaak het onderwerp zijn in mijn foto’s. Maar net zoals bij Michiel verkies ik een ‘natuurlijke’ foto zonder gebruik van Photoshop.

Zo trek ik verder, met een open en nieuwsgierige blik, zonder vooropgezet plan.

Deze beelden kan je terug vinden op deze pagina: Gedichten – Inge Schrijft

Boeken·Non-fictie·Recensie

Caravandagen – Evelien De Vlieger

Vertragen en meer aandacht voor het alledaagse

Veel boeken over de reis naar de eigen binnenwereld ontbreekt het vaak aan humor, aan een nuchtere kijk waardoor het vaak op het randje van het zweverige of onrealistische bengelt. Dit boek is echter geschreven met een (subtiele) humoristische noot en een kwinkslag, wat leidt tot het nodige zelfrelativeringsvermogen. Dit zorgt er voor dat het boek vlot en aangenaam leest zonder dat het zwaar wordt.
Dit boek zweeft nooit en behoudt de nuchtere kijk. Ik was oorspronkelijk wat sceptisch maar uiteindelijk heeft het me toch nog verrast.

Ze beschrijft haar eigen heel realistische reis. Ze geeft geen advies maar beschrijft het leven zoals dat het ook af en toe is. Zonder te deprimeren, zonder de hoop te verliezen, zonder te zweven. Met aandacht voor het alledaagse.

Je merkt hoe het leven van de auteur vertraagt. En hoe je uiteindelijk zelf ook vertraagt door het lezen van haar verhaal. Dat is mooi om te zien.

Het boek krijgt een extra dimensie in deze tijd van corona. Zij trok zich vrijwillig terug in haar eigen ruimte, terwijl veel mensen zich nu verplicht moeten terug trekken. Vertragen en meer aandacht voor het alledaagse lijken me in dat geval een mooie slotsom.

Het is bovendien een boek waarvan je de waarde nog meer beseft nadat het al even achter je ligt.

Column·Het schrijversleven·Verhalen

De start van een nieuw verhaal

Een leven lang op zoek naar het kleine geluk in de wereld, op zoek naar verwondering.
Telkens opnieuw kom ik uit bij woorden en beelden.

Woorden in een quote die me raken tot in het diepst van m’n hart.
Verhalen die blijven hangen. Boeken die schoonheid brengen.

Beelden in de vorm van foto’s.
Landschappen die nog lange tijd nazinderen op mijn netvlies.
Foto’s die de pracht en de schoonheid van de wereld dichterbij brengen.

Aanvankelijk woorden en beelden van anderen die mijn leven verrijken.
Later de eerste stappen in het creëren van eigen beelden.
En nog later brachten die eigen beelden inspiratie tot het creëren van eigen woorden.

En zo wordt het tijd om beide samen te brengen, in de start van een nieuw, eigen verhaal. De start van deze blog.

Woorden die beelden versterken. Beelden die woorden meer kracht geven.
Maar evenzeer beelden zonder woorden. Of woorden die geen beelden nodig hebben.

Welkom bij Inge Schrijft.