Column·Het schrijversleven·Verhalen

Inge schrijft een boek #1

Januari 2021. De woorden stromen één voor één binnen. De ene zin na de andere komt uit m’n pen. Nog voor ik het besef heb ik ellenlange pagina’s geschreven. Aanvankelijk losse teksten. Maar hoe meer ik schrijf hoe meer samenhang er komt. Ik kom stilaan tot het besef dat ik een boek aan het schrijven ben…

Zelf een boek schrijven? Kan ik dat wel? Heb ik überhaupt iets te vertellen? Is mijn verhaal niet al tientallen keren geschreven door anderen?

In januari sta ik er niet bij stil. Ik ben blij met de woordenstroom die uit me vloeit. Het brengt me rust. Het geeft me voldoening. Voorlopig is dat voldoende.

Enthousiast neem ik elke dag pen en papier. Ik heb nog geen idee waar ik naar toe ga. Geen idee hoe de uiteindelijke samenhang er uit zal zien. Dat is op dit ogenblik niet van belang. Ik laat het creatieve proces z’n werk doen.

Nu, bijna een jaar later, besluit ik om het schrijfproces hier neer te schrijven. Ik heb geen idee of het boek ooit echt gepubliceerd zal worden. Ik kan niet in de toekomst kijken. Toch besluit ik om dit verhaal met jullie te delen. Ongeacht wat de uitkomst zal zijn. Het proces zelf zal sowieso leerzaam zijn.

De wereld verheerlijkt doelen terwijl je als mens het meeste onderweg leert.

In januari startte ik dus het creatieve schrijfproces. In een volgende blogpost geef ik jullie een nieuwe inkijk.

Boeken·Non-fictie·Recensie

Moeder, dochter, minnares – Heleen Van Royen

Omslagfoto van het boek 'Moeder, dochter, minnares'.

De auteur geeft aan de hand van anekdotes en korte verhalen een inkijk in haar leven van de afgelopen twintig jaar. Ze belicht dit vanuit de verschillende rollen die ze vervult in haar leven, niet alleen de rol van moeder, dochter en minnares, maar ook de rol van schrijver, vrouw en vriendin.

Ik moet bekennen dat de naam van de auteur, Heleen Van Royen, geen belletje bij mij deed rinkelen. Maar ik hou wel van boeken die een inkijk geven in iemands leven. Ik vind het vaak inspirerend om te lezen hoe anderen omgaan met de strubbelingen in het leven.

Alleen had ik toen niet gedacht dat deze auteur o.a. het label (tegen wil en dank) ‘eigentijdse femme fatale’ op gekleefd kreeg en een sexdagboek geschreven had. Misschien maar beter dat ik het niet wist, anders had ik het wellicht nooit gelezen. Nu ik het in handen had, kon ik het even goed wel lezen.

Haar columns lezen heel vlot, af en toe leveren ze een blik van herkenning, en andere keren toveren ze zelfs een lach op m’n gezicht. Ze heeft gevoel voor humor, maar ze raakt ook minder leuke thema’s aan, zoals de zelfmoord van haar vader of haar moeder die begint te dementeren. Maar alles blijft licht verteerbaar.
Uiteraard zijn er ook columns die me minder liggen. Dat noemen ze dan ook ‘smaken verschillen, voor elk wat wils’.

Ze schrijft op een ontnuchterend wijze, recht-toe-recht-aan. Ontwapenend vertelt ze over de vooroordelen waar ze zelf, maar ook anderen, mee te kampen hebben. Ze vraagt in deze optiek meer mededogen naar elkaar toe. Ook al wordt het nooit echt diepgaand.
En ergens heeft ze wel een punt. Toen ik haar bijnaam vernam in het boek, dan had ik plots ook zo mijn reserves. En dan is het mooi dat je als lezer uiteindelijk je vooroordelen één voor één over boord gooit.

Het is een vrouw waar ik karakterieel mijlenver vanaf sta. Ook onze levens hebben weinig gemeen.
En ook al kan niet elke column me evenzeer bekoren (de meeste wel), haar eigenheid, haar durf en moed kan ik wel appreciëren.